Het lot van Speculaas
Drie peperkoeken, speculaas en marsepeinen vriendjes,
Vertrokken met de Sint op reis naar alle brave kindjes,
't Was op de dag van Sinterklaas,
Maar onze vriend van speculaas,
Werd al oudbakken als hij dacht,
Aan het ontbijt na deze nacht.
--------
Hij zag zichzelf reeds opgepeuzeld door die kindertandjes,
In melk gesopt, of fijngekauwd, verbrijzeld in hun handjes,
Hij riep zijn vriend van marsepijn:
Straks smelt je in hun mondje fijn,
Kom Peperkoek, ook jij moet gaan,
Want Zwarte Piet komt er al aan.
--------
Hij glipte uit de grote zak, maar rolde in een mandje,
Een speculaas! Juichte een kind, en nam hem in haar handje,
Ze hapte toe, toen nog een beet,
En ook al vindt je dit nu wreed,
Dit is het lot van Speculaas,
Elk jaar opnieuw met Sinterklaas.
(Chavera, 5 december 2000)