Voor zij die jou niet zien
De wind die waait, een handje zwaait, naar onze goede Sint
Bij het ontbijt, een pop die schreit, het maakt ons goedgezind
In de woestijn, geen marsepein, geen brief in gouden inkt
Een kind dat huilt, en zich verschuilt, nadat het werd verminkt
Heel ongezond, de buikjes rond, van al die lekkernij
Daarna gezeur, uit ons humeur, alweer een pond erbij
De honger knaagt, de koude jaagt, een zandstorm raast voorbij
Haar huid verkilt, haar kreet verstilt, verlossing is nabij
Toe Lieve Sint, wees niet meer blind, voor zij die jou niet zien
Ga ook naar daar, en schenk aan haar, het levenslicht misschien?
Chavera 30 november 2004